Actueel‎ > ‎Nieuws Lichtkring‎ > ‎

Artikel Rima Nasrallah Christelijk weekblad

Geplaatst 27 feb. 2015 05:06 door Redactie Lichtkring
In het Christelijk Weekblad verscheen afgelopen week een artikel van de hand Van Rima Nasrallah naar aanleiding van haar promotie onderzoek.
Hieronder kunt u het artikel lezen (met toestemming overgenomen uit het Christelijk Weekblad, www.christelijkweekblad.nl)
   
                         Zoeken naar God in een mix van culturen 
De architectuur en de liturgie van een protestantse kerk in Libanon zal een westerse bezoeker bekend voorkomen. Maar er
gaat een complexe praktijk van geloven achter schuil. Dat komt door de vrouwelijke gemeenteleden die vaak uit andere
tradities komen. Rima Nasrallah promoveerde op hun liturgische praktijken.

Wie een gemiddelde protestantse kerk in Libanon bezoekt, zal zich daar goed thuis voelen. De architectuur van de kerk, de kerkbanken, de orgelpijpen, de gezangen en een min of meer herkenbare liturgie. Niets verschilt erg van welke protestantse kerk dan ook in de wereld. Wie nauwkeuriger kijkt naar wat de gemeenteleden doen, kan iets bespeuren van een complexere wereld dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Het kan zomaar zijn dat op zeker moment een of twee mensen een kruis slaan. Iemand bidt het Onzevader met de handen geopend, de handpalmen naar boven gericht. Wordt het avondmaal gevierd, dan kan het zijn dat iemand een handvol brood meeneemt naar huis, in een servet gevouwen. De werkelijkheid is dat ruwweg negentig procent van de vrouwen in de kerkbanken een Antiochisch-orthodoxe of maronitische achtergrond heeft. De Maronitische kerk is een Oosters Syrische Kerk die verenigd is met de Rooms-katholieke Kerk. Geen van hen is in de protestantse traditie opgegroeid. Door hun huwelijk zijn ze lid geworden van een Libanese protestantse kerk. In Libanon schrijft de sociale code voor dat de vrouw als ze trouwt overgaat naar de kerk van de man. Als het stel kinderen krijgt, worden die daar gedoopt. De protestantse gemeenten zijn jong en erg klein, vergeleken bij de andere Oosterse kerken. Ze werden gesticht halverwege de negentiende eeuw door Amerikaanse zendelingen, in de hoop op herleving van de Oosterse Kerk. Nog geen 1% van de Libanese is lid van een protestantse kerk. Mannen met een protestantse achtergrond vinden dan ook in de regel een partner buiten de kerk. Dat betekent voor hun vrouwen dat ze, eenmaal getrouwd, van het ene op het andere moment deel uitmaken van een nieuwe en totaal andere kerkelijke gemeenschap, zonder enige vorm van introductie. Het is het begin van een zoektocht om je nieuwe gebruiken eigen te maken, te ontdekken wat bij je past en te leren omgaan met wat niet bij je past. 
Fascinerend 
Wat gebeurt er in het liturgische en spirituele leven van deze vrouwen? Die vraag heb ik geprobeerd te beantwoorden in een etnografisch onderzoek. Ik volgde vier jaar lang een aantal van deze vrouwen, stelde vragen, maakte mee hoe zij hun geloof in praktijk brachten, bezocht hen thuis. Door participerende observatie en interviews kwam ik steeds een stukje verder en ontdekte dat de verandering die de grondslag vormde voor mijn onderzoek anders in elkaar zat dan ik had gedacht. De gang van moederkerk naar protestantse kerk is geen tocht van a naar b, maar een complex en fascinerend proces. Voortdurende beweging is een thema dat hun leven bepaalt. Hun liturgische leven is er een van voortdurende bewegen tussen de protestantse kerk en de kerk waar ze vandaan komen. Iedere vrouw maakt daar haar persoonlijke keuzes in. De vrouwen zijn dus ook letterlijk - ieder op haar manier - onderweg. Sommige vrouwen bezoeken op zondag de protestantse kerk en de orthodoxe kerk op woensdag. Anderen vieren Kerst in de protestantse kerk en Pasen in de maronitische gemeente. Of ze wisselen af: ’s winters naar de ene kerk, ’s zomers naar de andere. Deze vrouwen geven hun liturgische leven vorm in een krachtenveld met tenminste drie terreinen: de moederkerk met de regels die daarbij horen, de protestantse kerk en ten slotte het eigen privédomein. 
Wierook 
De vrouwen weigeren op te gaan in de ene of de andere situatie waarin impliciet van hen wordt verwacht om voor een van de verschillende liturgische stijlen te kiezen. Hun gedrag en hoe ze erover praten wijst erop dat ze het ene niet als goed en het andere als slecht beoordelen, ook brengen ze niet op een of andere manier een hiërarchie aan. Integendeel, het leven van deze vrouwen is een soort laboratorium waarin volop wordt geëxperimenteerd en invloeden worden gemixt. Niet alleen combineren zij elementen uit verschillende tradities, zoals huisaltaartjes met objecten uit verschillende tradities. 
Beweging 
Het kan ook zijn dat er nieuwe rituelen ontstaan waarin mediteren op een Bijbeltekst wordt gecombineerd met bijvoorbeeld het branden van wierook. Dit soort nieuwe gewoonten worden voortdurend weer veranderd en gevarieerd. Deze situatie, waarbij verschillende tradities tegelijkertijd bestaan, leidt ertoe dat de vrouwen gewend zijn om verschillende liturgische praktijken te bevragen, en voortdurend uit te zien naar ‘betere’ manieren en vormen om God te ontmoeten en lichaam en ziel in geloof te verbinden. De beweging tussen de verschillende tradities is voor alles een fysieke beweging. Veel vrouwen bezoeken tijdens de Paasweek zowel hun moederkerk als de Protestantse kerk. Goede Vrijdag wordt gevierd in de oosterse kerk, vol iconen, wierook en kaarsen. De viering wordt verlevendigd door processies en rituelen zoals besprenkeling met water en geurige rozenblaadjes. Dit alles brengt een lichamelijke heroriëntatie teweeg: de rituelen hebben een vervoerend effect. Zij beleven het passieverhaal als een lichamelijk proces van opstaan en opnieuw beginnen. Daar is de dienst op Goede Vrijdag voor: om ondergedompeld te worden in het Bijbelse passieverhaal. Veel vrouwen kiezen ervoor om vervolgens de Paasmorgen te vieren in de protestantse kerk, in de lege ruimte, de kalmte en de gecontroleerde setting van een strakke liturgie. Dit zorgt ervoor dat ze weer ‘geaard’ worden. In plaats van de zintuiglijke beleving van het passieverhaal, willen ze nu helemaal aanwezig zijn in het heden. Tijd en plaats worden verschillend ervaren in deze twee contexten, en ook de afwezigheid en aanwezigheid van Christus. Het afwisselen van deze sferen zorgt ervoor dat deze vrouwen nieuwe manieren ervaren van het beleven van tijd, plaats  en goddelijke aanwezigheid. Met behoud van beide tradities, bewegen deze gelovigen dus heen en weer tussen het verlangen om God te zien en te ervaren, en de ervaring van de onmogelijkheid daarvan. In mijn dissertatie beschrijf ik deze liturgische levens en praktijken, zoals ze binnen- en buitenshuis vorm krijgen. Er worden hier niet alleen twee tradities naast elkaar geplaatst, maar er worden ook vloeiende overgangen gecreëerd die een diepe theologische betekenis hebben. De verschillende theologische tradities zullen elkaar altijd weer uitdagen. De zoektocht naar God gaat altijd door.
Comments